A
Afkoopwaarde
Het
kapitaal dat u opgebouwd heeft in het beleggingsdeel van uw
beleggingshypotheek dat u uitgekeerd krijgt op het moment dat u uw
beleggingshypotheek beëindigt. Het is ook de uitkering die u
krijgt bij voortijdige beëindiging van een gemengde
levensverzekering. Dit bedrag kunt u gebruiken om (een deel van) uw
hypotheek af te lossen.
Afsluitkosten
Alle
kosten die u maakt bij het afsluiten van een hypotheek, zoals een
hypotheekakte, afsluitprovisie, taxatie- en administratiekosten en de
kosten aanvraag NHG.
Afsluitprovisie
Het
bedrag dat de bank in rekening brengt bij het afsluiten van een
hypotheek.
Akte van levering
De notaris maakt aan de hand van de gegevens in de koopakte een akte van levering op: dat is de juridische uitwerking van de reeds gesloten overeenkomst, nodig voor het bewerkstelligen van de eigendomsoverdracht.
Deze akte van levering wordt aan partijen eerst in concept toegestuurd.
De notaris nodigt u tijdig uit aanwezig te zijn op de dag van de eigendomsoverdracht.
Op die dag leest de notaris de voornaamste inhoud van de akte van levering voor in bijzijn van koper en verkoper.
De akte van levering wordt getekend door koper, verkoper (tenzij door koper of verkoper een volmacht is verleend) en de notaris.
De notaris zorgt ervoor, dat de akte van levering wordt ingeschreven in de openbare registers (kadaster).
Op het moment van inschrijving bij het kadaster wordt de koper officieel eigenaar.
Later ontvangt koper van de notaris een afschrift van deze akte: het "eigendomsbewijs". De originele akte blijft in bewaring bij de notaris.
Appartementsrecht
Wie
een appartementsrecht heeft, heeft een aandeel in een gebouw. Dat
aandeel geeft ook recht op alleengebruik van dat bepaalde gedeelte
van een gebouw. Bovendien geeft het appartementsrecht recht op
gebruik van gemeenschappelijke ruimtes, zoals het trappenhuis. Het
aandeel en het bijbehorende gebruiksrecht vormen samen het
appartementsrecht. Dit appartementsrecht wordt -in tegenstelling tot
het lidmaatschapsrecht- wel ingeschreven in de registers van het
Kadaster. Hierdoor bestaat tegelijk de mogelijkheid om een eigen
hypotheek te vestigen. Alle appartementseigenaren zijn samen eigenaar
van het hele flatgebouw of complex. Appartementsrechten kunnen voor
woningen zijn, maar ook voor bedrijfs-of kantoorruimte.
Terug naar boven
B
Bankgarantie
Als
een bank een bankgarantie afgeeft garandeert die bank dat zij op
verzoek van de begunstigde datgene dat vastgelegd is in de
bankgarantie zal voldoen. Meestal wil de verkoper 10% van het
verkoopbedrag als zekerheid. In plaats van te betalen in contanten
kunt u ook een bankgarantie geven.
Bedenktijd (wettelijk)
Als de koopovereenkomst tussen verkoper en koper op papier, dan krijgt de koper nadat deze een afschrift heeft ontvangen, drie (werk)dagen bedenktijd.
Dit betekent dat de koper binnen deze termijn zonder opgaaf van redenen en geheel kosteloos van de koop kan afzien.
Wil de koper van de koop afzien dan dient hij/zij voor het einde van de bedenktijd de verkoper hiervan op de hoogte gesteld te hebben.
Dit kan zowel mondeling als schriftelijk.
Belasting, wat betekent dat Box 1?
Box 1: belastbaar inkomen uit werk en woning
Het tarief voor het belastbaar inkomen uit werk en woning is een oplopend tarief met 4 schijven. Daardoor gaat u naar verhouding meer belasting betalen als uw inkomen hoger wordt.
Over inkomen uit werk en woning moet u in de eerste 2 schijven ook premie volksverzekeringen betalen. In het volgende overzicht ziet u met welke inkomsten en aftrekposten u
in box 1 te maken kunt krijgen.
Inkomsten box 1
Bij inkomsten die in box 1 vallen, kunt u onder meer denken aan:
- winst uit onderneming;
- loon;
- fooien en andere inkomsten;
- pensioen en uitkeringen;
- buitenlandse inkomsten;
- inkomsten uit overige werkzaamheden (freelancer of alfahulp en dergelijke);
- periodieke uitkeringen;
- negatieve persoonsgebonden aftrek;
- terugontvangen premies en dergelijke;
- eigenwoningforfait;
- kapitaalverzekeringen eigen woning.
Aftrekposten box 1
In box 1 kunt u bijvoorbeeld de volgende aftrekposten hebben:
- reisaftrek openbaar vervoer;
- zeedagenaftrek;
- aftrekposten van de eigen woning;
- uitgaven voor inkomensvoorzieningen;
- persoonsgebonden aftrek:
- alimentatie en andere onderhoudsverplichtingen;
- levensonderhoud kinderen jonger dan 30 jaar;
- ziektekosten of andere buitengewone uitgaven;
- weekendbezoek gehandicapt kind;
- studiekosten of andere scholingsuitgaven;
- kosten rijksmonumentenpand;
- kwijtgescholden durfkapitaal;
- giften;
- restant persoonsgebonden aftrek.
Belasting, wat betekent dat Box 2?
Box 2: aanmerkelijk belang
Heeft u in bijvoorbeld in 2007 een aanmerkelijk belang in een vennootschap of coöperatie, dan moet u het financiële voordeel daarvan aangeven.
U kunt 2 soorten belastbare voordelen hebben, namelijk reguliere voordelen zoals dividend en vervreemdingsvoordelen zoals verkoopwinst op de aandelen.
U heeft een aanmerkelijk belang in 2006 als u, samen met uw eventuele fiscale partner, direct of indirect minimaal 5% heeft van:
- de winstbewijzen of van (ook per soort) de aandelen in een binnen- of buitenlandse vennootschap; of
- de genotsrechten van (ook per soort) de winstbewijzen of aandelen in een binnen- of buitenlandse vennootschap; of
- het stemrecht in een coöperatie of vereniging op coöperatieve grondslag.
U heeft ook een aanmerkelijk belang in 2006 als u, samen met uw eventuele fiscale partner, opties heeft om minimaal 5% van de aandelen (ook per soort) in een binnenlandse of buitenlandse vennootschap te verwerven.
Voor het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang geldt een vast tarief van 25%.
Let op!
Uitsluitend de bovengenoemde inkomsten vallen in box 2. Als u bijvoorbeeld ook een salaris ontvangt van de B.V. of N.V., dan wordt dit salaris in box 1 belast.
Belasting, wat betekent dat Box 3 ?
Box 3: inkomen uit sparen en beleggen
In box 3 worden de inkomsten uit sparen en beleggen in Nederland belast. Als u niet in Nederland woont, dan vallen slechts een beperkt aantal bezittingen onder te belasten inkomen uit sparen en beleggen. In de praktijk gaat het meestal alleen om onroerende zaken die in Nederland liggen, bijvoorbeeld uw vakantiewoning.
Uw Nederlandse bankrekening, lijfrenteverzekering en dergelijke blijven buiten beschouwing.
Berekening van inkomsten
Het gemiddelde vermogen is het verschil tussen de waarde van uw bezittingen en de waarde van de schulden die betrekking hebben op deze bezittingen. Uw vermogen wordt 2 keer per jaar gemeten: op de peildata 1 januari en 31 december. Het gemiddelde vermogen is de gemiddelde waarde van de bezittingen min de daarmee verbonden schulden op de 2 peildata. Dit bedrag wordt de rendementsgrondslag genoemd. De omvang van uw inkomsten wordt gesteld op een forfaitair bedrag van 4% per jaar van de rendementsgrondslag. De genoten inkomsten die u in werkelijkheid geniet, zijn niet van belang. Over het forfaitair rendement van 4% van de rendementsgrondslag, betaalt u 30% inkomstenbelasting.
Bezittingen die vallen onder het gemiddelde vermogen
De volgende bezittingen in Nederland van een buitenlands belastingplichtige vallen onder het gemiddelde vermogen:
- in Nederland gelegen onroerende zaken;
- rechten op in Nederland gelegen onroerende zaken;
- rechten op aandelen in de winst van een onderneming in Nederland.
Ad 1.
Bij in Nederland gelegen onroerende zaken gaat het om onroerende zaken die niet als een eigen woning zijn aan te merken, bijvoorbeeld een in Nederland gelegen vakantiehuis of verhuurd pand. Als er (in bijzondere omstandigheden) sprake is van een eigen woning in Nederland, dan worden de inkomsten daaruit in box 1 in de heffing betrokken.
Ad 2.
Rechten die direct of indirect betrekking hebben op in Nederland gelegen onroerende zaken, bijvoorbeeld een recht van vruchtgebruik of erfpacht, vallen ook onder de rendementsgrondslag.
Ad 3.
Bij rechten op aandelen in de winst van een onderneming, gaat het om ondernemingen waarvan de leiding in Nederland is gevestigd. Het gaat overigens niet om rechten die voortkomen uit effectenbezit of een dienstbetrekking. Verder mogen de rechten niet eerder in aanmerking zijn genomen bij de vaststelling van het inkomen in box 1 of box 2.
Schulden die betrekking hebben op de hiervoor genoemde bezittingen, bijvoorbeeld een hypothecaire geldlening op een in Nederland gelegen onroerende zaak, worden bij de berekening van de rendementsgrondslag ook in aanmerking genomen.
Voorbeeld
De waarde van uw bezittingen en schulden bedraagt op 1 januari € 50.000 en op 31 december € 60.000. De rendementsgrondslag bedraagt dan (€ 50.000 + € 60.000) : 2 = € 55.000. Het forfaitair rendement wordt gesteld op 4% van € 55.000 = € 2.200. Dit bedrag is het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen. Hierover betaalt u 30% belasting.
Niet het hele jaar in Nederland belastingplichtig
Het kan zijn dat u niet het hele jaar in Nederland belastingplichtig bent. In dat geval gelden afwijkende peildata voor de berekening van de rendementsgrondslag en een afwijkend percentage voor de berekening van het forfaitair rendement.
Voorbeeld
U woont niet in Nederland. U bent alleen buitenlands belastingplichtig omdat u een woning in Nederland bezit. Op 15 juli verkoopt u de woning. Vanaf dat moment bent u niet meer in Nederland aan de heffing van belasting onderworpen. De peildata voor de berekening van de rendementsgrondslag zijn in dit geval 1 januari en 15 juli. Tevens wordt het forfaitair rendementspercentage lager gesteld. Dit percentage bedraagt dan 6/12 x 4% = 2%.
Belastingaftrek
Hypotheekrente
mag u aftrekken voor de inkomstenbelasting. Ook de kosten voor de
hypotheekakte, de taxatie en de kosten voor Nationale Hypotheek
Garantie zijn aftrekbaar. De aflossing van uw hypotheek is niet
aftrekbaar.
Bestemmingsplan
Een
door de gemeente opgesteld plan waarin staat aangegeven waarvoor de
grond of gebouwen gebruikt mogen worden. Daarin kunt u zien welke
ontwikkelingen op gebied van bijvoorbeeld bebouwing er mogelijk
plaatsvinden. U vindt deze plannen bij het gemeentehuis.
Bijleenregeling
Sinds 1 januari 2004 is de bijleenregeling van kracht. Volgens de bijleenregeling moet de
overwaarde die vrijkomt bij de verkoop van uw woning weer geïnvesteerd worden in de volgende koopwoning.
Gebeurt dat niet, dan is er geen renteaftrek mogelijk over het leningbedrag ter grootte van die overwaarde.
Dit deel van de lening verhuist naar box 3. We leggen de bijleenregeling uit met een aantal praktijkvoorbeelden.
Situatie 1: U verhuist naar een duurdere woning
Situatie 2: u verhuist naar een goedkopere woning.
Situatie 1: U verhuist naar een duurdere woning
U verhuist naar een duurdere koopwoning? Dan wordt u geacht om de overwaarde, die vrijkomt bij de verkoop
van uw woning, als eigen geld in te brengen in de nieuwe koopwoning. Doet u dat niet en financiert u het volledige
aankoopbedrag van de nieuwe woning? Dan hebt u geen renteaftrek over het bedrag ter grootte van de overwaarde.
Dat deel van de lening valt dan in box 3. De overwaarde van uw woning is de verkoopprijs minus de verkoopkosten
(bijvoorbeeld makelaarscourtage) en de bij verkoop aanwezige eigenwoningschuld.
|
Voorbeeld 1
Jan heeft in 1995 een woning gekocht voor €120.000 (woning 1). De kosten koper bedroegen €10.000. Hij heeft toendertijd een hypotheek afgesloten van €110.000. De rest van de aankoopprijs van de woning heeft hij met eigen geld betaald. Hij lost niet af op zijn hypotheek. In 2005 koopt hij een andere woning (woning 2) en verkoopt hij woning 1. Woning 1 verkoopt hij voor €150.000. De makelaarskosten i.v.m. de verkoop bedragen €3.000. De koopprijs van woning 2 bedraagt €200.000. De kosten koper bedragen €20.000. Wat zijn de gevolgen voor Jan in verband met de bijleenregeling?
Als hij in 2005 woning 1 verkoopt bedraagt de overwaarde €37.000 (€150.000 minus €3.000 minus €110.000). Over dit bedrag kan geen renteaftrek worden verkregen indien Jan woning 2 volledig zou financieren. Jan wordt volgens de bijleenregeling geacht €37.000 als eigen geld in te brengen. De verwervingskosten van woning 2 bedragen €220.000 (€200.000 + €20.000). Jan kan echter slechts een lening met renteaftrek aangaan voor een bedrag van €183.000 (€220.000 minus €37.000). Zou Jan de €220.000 volledig financieren dan heeft hij over €37.000 (de overwaarde) geen renteaftrek. Dit deel van de lening zou in box 3 vallen.
|
Het komt ook voor dat niet de gehele hypotheek die op de woning rust,
een eigenwoningschuld is.
Bijvoorbeeld omdat u de hypotheek hebt verhoogd om effecten aan te kopen.
Hoe werkt de bijleenregeling dan?
|
Voorbeeld 2
Karel verkoopt in 2005 zijn woning (woning 1) voor €200.000. Hij heeft zijn woning zonder inschakeling van een makelaar verkocht. Op zijn woning rust een hypotheek van €150.000. Deze hypotheek was oorspronkelijk €100.000 (aangegaan voor de aankoop van de woning) en is in 2002 met €50.000 verhoogd voor de aankoop van effecten. Karel heeft in 2005 een andere woning (woning 2) gekocht voor €300.000 (inclusief kosten koper). Wat zijn de gevolgen van de bijleenregeling voor Karel?
De overwaarde in woning 1 bedraagt €100.000 (€200.000 minus €100.000). Alleen de eigenwoningschuld kan worden afgetrokken van de verkoopprijs van de woning. Het hypotheekdeel dat aangegaan is voor de aankoop van de effecten blijft buiten beschouwing. Dit leningdeel is immers geen eigenwoningschuld. Karel krijgt door de verkoop van woning 1 slechts €50.000 in handen. Het andere deel van de overwaarde (€50.000) is immers besteed aan effecten. Als hij deze effecten niet wil verkopen, zal hij daarvoor opnieuw een lening aangaan. De hypotheek op woning 2 bedraagt dan €250.000 (€300.000 minus €50.000). Echter, volgens de bijleenregeling kan voor woning 2 slechts een lening met renteaftrek worden aangegaan van €200.000 (€300.000 minus €100.000). Sluit Karel (i.v.m. de effecten) een totale hypotheek op de woning af van €250.000, dan kan hij over een bedrag van € 50.000 de rente niet aftrekken. Dit deel van de lening valt in box 3.
|
Situatie 2: U verhuist naar een goedkopere woning
Verhuist u naar een goedkopere woning? Dan blijft renteaftrek mogelijk tot het bedrag van de oude hypotheekschuld,
tenzij de verwervingskosten (aankoopprijs + kosten koper) van de nieuwe, goedkopere woning lager zijn dan de oude hypotheekschuld.
Dan kunt u over maximaal dat bedrag renteaftrek verkrijgen. U hoeft de overwaarde dus niet geheel in te brengen.
Maar u moet deze wel 'achter de hand' houden. De Belastingdienst ziet de overwaarde als een Eigen Woning Reserve, een soort fictieve
rekening waarop uw overwaarde wordt geboekt. Het bedrag blijft daar vijf jaar staan. Daarna vervalt het. Gaat u uw nieuwe,
goedkopere woning binnen die vijf jaar verbouwen en hebt u nog een Eigen Woning Reserve? Dan kunt u de verbouwing niet
meefinancieren met renteaftrek. U wordt dus geacht om uw overwaarde te gebruiken voor de verbouwing
|
Voorbeeld 3
In 1998 heeft Peter een woning van €250.000 gekocht (woning 1). De kosten koper bedroegen €25.000. Hij heeft de woning volledig gefinancierd. In 2006 verkoopt hij woning 1 voor €300.000. De makelaarskosten in verband met de verkoop bedragen €3.000. Op het moment van verkoop bedraagt zijn eigenwoningschuld €200.000. Hij koopt een goedkopere woning (woning 2) van €150.000. De kosten koper bedragen €15.000. Drie jaar na aankoop gaat Peter een nieuwe keuken in de woning plaatsen van €10.000. Hoe werkt de bijleenregeling uit in deze situatie?
De overwaarde op het moment van verkoop van woning 1 bedraagt €97.000 (€300.000 minus €3.000 minus €200.000). De verwervingskosten van woning 2 bedragen €165.000 (€150.000 + €15.000). Als iemand goedkoper gaat wonen, kan de rente over de 'oude' eigenwoningschuld (€200.000) in principe bij de nieuwe woning worden afgetrokken (het bedrag van de eigenwoningschuld op het moment van verkoop van woning 1). Omdat de verwervingskosten van woning 2 (€165.000) lager zijn dan de oude eigenwoningschuld, kan maximaal over een bedrag van €165.000 de rente worden afgetrokken. In feite kan Peter zijn nieuwe woning (woning 2) volledig financieren. Zijn overwaarde (€97.000) blijft echter als Eigen Woning Reserve staan. Als Peter na drie jaar een nieuwe keuken koopt van €10.000, kan hij deze keuken niet met renteaftrek financieren. Hij wordt geacht zijn overwaarde, de Eigen Woning Reserve, te gebruiken. Zijn Eigen Woning Reseve neemt af met €10.000, onafhankelijk van het feit of hij de keuken met eigen geld betaalt of dat hij deze (zonder renteaftrek) financiert.
|
BKR wat is dat?
"Toetsing en registratie bij het BKR in Tiel": het is een vaak voorkomend zinnetje in leenreclames. Maar wat betekent dat nu eigenlijk en wat doet het Bureau Krediet Registratie (BKR) precies? Roose Makelaardij heeft de tien belangrijkste vragen met antwoorden over het BKR voor je op een rij gezet.
1. Wat is het Bureau Krediet Registratie?
Het BKR is een stichting die veertig jaar geleden is opgericht door het financiële bedrijfsleven om het Centraal Krediet Informatiesysteem (CKI) te verzorgen. Het BKR is gevestigd in Tiel en speelt een maatschappelijke rol bij het voorkomen van overkreditering van consumenten.
2. Wat weet het BKR?
Alle betalingsverplichtingen van alle consumenten die in Nederland een krediet hebben of hadden in de afgelopen vijf jaar, staan in het register vermeld. Het BKR weet niet alles van je financiële situatie. Alleen de volgende gegevens zijn bekend:
- Persoonsgegevens: naam, geboortedatum, en adres.
- Kredietgegevens: het geleende bedrag of het bedrag dat je maximaal mag besteden, het moment waarop het krediet ontstond, wanneer het krediet afgelost moet zijn en de kredietsoort.
3. Waarom registratie?
Het doel van de BKR-registratie is dat geldverstrekkers een goed beeld kunnen krijgen van het leen- en aflosgedrag van consumenten. Daardoor wordt het risico van de dienstverlener ingeperkt. Anderzijds kan zo voorkomen worden dat iemand meer leent dan hij of zij zich eigenlijk kan veroorloven.
4. Worden alle kredieten geregistreerd?
Nee, alleen als een krediet een looptijd heeft van langer dan drie maanden en het geleende bedrag tussen de 500 en 125.000 euro ligt. Dat kan een creditcard of een kredietlimiet op je betaalrekening zijn, maar ook een krediet bij een thuiswinkelorganisatie.
5. Wat wordt nog meer gemeld bij het BKR?
Naast kredieten worden ook GSM-abonnementen gemeld bij het BKR. Momenteel is dat het geval bij drie telefoonmaatschappijen (T-Mobile, Vodafone en Telfort). Onlangs is besloten dat ook betalingsachterstanden van de huur en energierekening gemeld gaan worden en vorig jaar werd nog duidelijk dat het BKR ook hypotheekgegevens wil gaan bijhouden.
Studieleningen van de Informatie Beheer Groep worden overigens niet doorgegeven aan het BKR.
6. Wanneer levert een BKR-registratie problemen op?
Een BKR-registratie hoeft in principe geen problemen te geven. Alle kredieten worden namelijk vastgelegd, ook als je geen betalingsproblemen hebt. Voor 94 procent van alle geregistreerden is dat het geval. De overige 6 procent heeft wel problemen met het aflossen van leningen en staat daarom als wanbetaler geregistreerd. Zij hebben van het BKR een achterstandscodering gekregen, waardoor het voor hen lastig zoniet onmogelijk is om een krediet of hypotheek af te sluiten.
7. Kan ik zien hoe ik geregistreerd sta?
Ja, dat kan door een overzicht van je gegevens op te vragen bij het BKR of bij een willekeurige bank. De kosten daarvoor zijn 4,50 euro. Je kunt overigens uitsluitend gegevens over jezelf opvragen. Zelfs in de gegevens van je (huwelijks) partner krijg je geen inzage.
8. Wat kan ik doen als mijn gegevens onjuist zijn?
Blijken je gegevens onjuist te zijn? Dan kun je een verzoek tot correctie indienen bij de geldverstrekker, dus niet bij het BKR. Kun je het niet eens worden met de geldverstrekker, dan kun je een klacht indienen bij de geschillencommissie van het BKR.
9. Wie beslist of ik een lening krijg of niet?
Het BKR beslist niet, dat doet alleen de kredietverstrekker. Die kan op basis van de beschikbare informatie van het BKR beoordelen of een lening verantwoord is.
10. Wie mogen mijn gegevens opvragen?
Jijzelf. En de organisaties die bij het BKR zijn aangesloten. Dat zijn banken, financieringsmaatschappijen, thuiswinkels, creditcardverstrekkers en telecombedrijven. Deze deelnemers zijn verplicht om informatie in te winnen bij het verstrekken van een krediet of kredietfaciliteit. Ook moeten ze wijzigingen in de situatie altijd doorgeven aan het BKR.
Bloot eigendom
De blote eigenaar is de eigenaar van een onroerende zaak, terwijl een ander een verdergaand genotsrecht op die onroerende zaak heeft.
Door het recht van die ander heeft de blote eigenaar over het algemeen niet de directe beschikking over zijn zaak. De zaak zelf wordt het blote eigendom genoemd. Soms wordt door de genothebbende wel een vergoeding aan de blote eigenaar betaald.
Het blote eigendom komt voor bij:
* erfpacht
* beklemming
* recht van opstal
* recht van vruchtgebruik
* recht van gebruik of bewoning
Het woord bloot heeft overigens niets met naaktheid, maar betekent enkel en alleen (vgl. het Duitse bloß). De betrokken persoon is dus alleen (maar) eigenaar.
Bod
Het bedrag dat door een serieuze gegadigde wordt geboden met daarbij behorende eventuele ontbindende voorwaarden, opleveringsdatum en opsomming van roerende en onroerende zaken die bij dit bod behoren.
Een bod kan zowel mondeling als schriftelijk worden gedaan, maar de koop is alleen bindend wanneer deze op papier staat!
Boeterente
Een
bedrag dat u in rekening wordt gebracht wanneer de hypotheekbedragen
niet op tijd worden voldaan. U betaalt ook een boeterente wanneer u
tussentijds meer aflost dan het toegestane percentage.
Bouwdepot
Het
deel van het hypotheekbedrag dat wordt gebruikt om de termijnen voor
de bouw of verbouw van de woning te voldoen, wordt geparkeerd in een
bouwdepot. U ontvangt over dit bedrag een aan uw hypotheek
gerelateerde rente. Uit het bouwdepot worden rekeningen van de bouwer
betaald. De maximale looptijd van een depot is 2 jaar.
Bouwfinanciering
De
wijze waarop een nieuw te bouwen huis wordt betaald. Dat gebeurt in
termijnen, eerst de grond en vervolgens naarmate de bouw vordert de
resterende termijnen. De hypotheek wordt op het moment van aankoop
voor het gehele bedrag afgesloten en in depot gezet. Vanuit het depot
worden de termijnen betaald. Over het bedrag in depot ontvangt men
rente. Deze is soms lager dan de hypotheekrente die moet worden
betaald over de opgenomen bedragen.
Bouwkundige keuring
Een rapportage die gemaakt wordt door een bouwkundige in opdracht van de verkoper of koper over de bouwkundige staat van het object en eventueel het toekomstig onderhoud.
Een aannemer/bouwkundige kan tevens een gerichte, vrijblijvende offerte uitbrengen met betrekking tot herstel, modernisering, verbouwing, ed.
Bouwtermijnen
Een
nieuwbouwhuis wordt vaak in termijnen betaald. De gedeelten van de
koop/aanneemsom die volgens het contract voor een nieuwbouwhuis
moeten worden voldaan zijn de bouwtermijnen.
Bruto-werkelijke-rente
Zie
effectieve rente.
Terug naar boven
C
Canon
De
jaarlijkse heffing over grond die in erfpacht wordt uitgegeven.
Courtage
Provisie of loon voor de makelaar bij aan- of verkoop van een huis.
Voor het verrichten van diensten in een opdracht bent u aan de makelaar een overeengekomen geldbedrag verschuldigd.
De hoogte van het bedrag zal tussen u en makelaar worden afgesproken en vastgelegd bij de opdrachtverstrekking.
De courtage is exclusief de wettelijke verschuldigde omzetbelasting (BTW).
Terug naar boven
D
Dagrente
De
rente die op dat moment geldt voor nieuwe hypotheken.
Dalrente
Dalrente wil zeggen dat indien na ondertekening van de offerte de rente omlaag gaat voordat de hypotheekakte wordt gepasseerd, past de geldgever de rente aan.
Terug naar boven
E
Economische waarde
Bedrag
dat een woning zou opbrengen als deze onder optimale omstandigheden
zou worden verkocht (ook wel de onderhandse of vrije verkoopwaarde).
Effectieve rente
De
effectieve rente geef de werkelijke kostprijs van de hypotheek per
jaar aan. De rente die u werkelijk betaalt. Bij de berekening van de
effectieve rente wordt naast de nominale rente ook rekening gehouden
met de eventuele afsluitkosten, het tijdstip van betalen (aan het
begin of aan het einde van de maand) en het aantal betalingen per
jaar (elke maand, elk kwartaal etc.). Wordt ook
bruto-werkelijke-rente genoemd.
Eigendomsakte
Een
door het kadaster gewaarmerkt afschrift van de transportakte. U
ontvangt een eigendomsakte van de notaris, dit is tevens het
eigendomsakte van uw huis.
Eigenwoning forfait
Als eigenaar van een woning krijg je te maken met het eigenwoningforfait. Het eigenwoningforfait is een bedrag dat in Box I bij je inkomen wordt opgeteld. Op die manier kent de fiscus een waarde toe aan het woongenot dat je als eigenaar van een huis beleeft over deze bijtelling betaal je belasting. Het woongenot wordt fiscaal namelijk gezien als inkomen in natura. De hoogte van het eigenwoningforfait is gekoppeld aan de WOZ waarde van je huis.
WOZ waarde
Het eigenwoningforfait wordt door de fiscus berekend aan de hand van de WOZ waarde van je huis. WOZ staat voor: wet Waardering Onroerende Zaken. De gemeente bepaalt de hoogte van je WOZ waarde. Je wordt daarvan door middel van een zogenaamde beschikking op de hoogte gesteld. De laatste WOZ beschikking dateert van 1 januari 2005. In het algemeen ligt de WOZ waarde iets onder de vrije verkoopwaarde van je huis.
De hoogte van het eigenwoningforfait
Het eigenwoningforfait wordt berekend door een bepaald percentage van de WOZ waarde te nemen.
In onderstaande tabel kun je aflezen wat de bedragen zijn voor het belastingjaar 2007.
Het maximum bedraagt € 9.150,-.
| WOZ waarde | Eigenwoningforfait =
WOZ waarde x
onderstaand percentage |
| € 0,- tot € 12.500,- |
0,00% |
| € 12.500,- tot € 25.000,- |
0,20% |
| € 25.000,- tot € 50.000,- |
0,30% |
| € 50.000,- tot € 75.000,- |
0,40% |
| € 75.000,- of meer |
0,55% |
Bedraagt de WOZ-waarde van een huis € 200.000,- dan is het eigenwoningforfait 0,55% van die € 200.000,- dus € 1.100,-.
Over dit bedrag moet vervolgens inkomstenbelasting betaald worden. De belastingplichtige met een eigen woning heeft weliswaar geen werkelijk inkomen uit zijn woning, maar zou dat (volgens de belastingdienst) wél kunnen hebben. Dit fictieve inkomen moet bij het inkomen uit werk worden opgeteld (box 1). Hoeveel belasting betaald moet worden over het eigenwoningforfait is afhankelijk van de belastingschijf waar iemand in valt. Er zijn vier schijven die varieren van 33% tot 52%. Het eigenwoningforfait valt in Box 1 van de Inkomstenbelasting: "Inkomen uit Werk en Woning".
Energie Prestatie Advies (EPA) en Energielabel
Vraag en antwoord:
Wat is het energielabel?
- Vanaf wanneer is het energielabel verplicht?
- Hoe ziet het energielabel eruit?
- Waarom wordt het energielabel ingevoerd?
- Hoe kom ik aan een energielabel voor mijn woning?
- Moet voor elke woning een onderzoek verricht worden?
- Hoeveel kost een energielabel?
- Wat doet VROM om meer bekendheid te geven aan het energielabel?
- Ik heb een huis dat in 1998 (of later) gebouwd is. Moet ik dan ook een energielabel aanvragen?
- Hoe gaat VROM ervoor zorgen dat de gebouweigenaren zich per 1 januari 2008 houden aan de energielabelplicht?
- Wordt het energielabel verplicht voor alle gebouwen?
- Heb ik een energielabel nodig als de koopovereenkomst is gesloten voor 1 januari 2008?
Energieprestatieadvies (EPA)
- Is het verstandig om na uitvoering van het EPA opnieuw een energielabel aan te vragen?
- Wat is het verschil tussen een EPA en het energielabel?
- Als ik een EPA heb, moet ik dan straks ook een energielabel overhandigen bij verkoop of verhuur van mijn woning?
- Waar kan ik meer informatie vinden over EPA?
Energielabel
1. Wat is het energielabel?
Het energielabel voor woningen is te vergelijken met het energielabel voor auto's en witgoed. Het label loopt van A t/m G. Een woning met het A-label is het energiezuinigst en met het G-label het minst zuinig. Een erkende (gecertificeerde) adviseur kan een energielabel voor uw woning opstellen. Het energielabel is maximaal 10 jaar geldig.
2. Vanaf wanneer is het energielabel verplicht?
Vanaf 1 januari 2008 moeten eigenaren van woningen en andere gebouwen bij verkoop of verhuur een energielabel kunnen overhandigen aan de koper/huurder. Voor huurwoningen van een woningcorporatie geldt als ingangsdatum 1 januari 2009. Voorwaarde is wel dat de corporatie voor die datum al haar woningen van een energielabel heeft voorzien. Particuliere verhuurders dienen wel vanaf 1 januari 2008 een energielabel te kunnen overhandigen.
3. Hoe ziet het energielabel eruit?
Het energielabel zal er vrijwel hetzelfde uitzien als de labels voor witgoed en auto's. Het label loopt van klasse A t/m G. In het label staat het adres en de energieprestatie van de woning. Daarvan afgeleid valt de woning in een bepaalde klasse en dat wordt met een letter aangegeven.
Bij het energielabel krijgt u een lijst met mogelijke standaardmaatregelen om het energiegebruik van uw woning te verlagen. Denk aan het isoleren van dak, vloer en muren, het plaatsen van een energiezuinige CV-ketel of het aanbrengen van isolerend glas.
Zie voorbeeld van het label.
4. Waarom wordt het energielabel ingevoerd?
Het kabinet wil van Nederland een van de schoonste en zuinigste energielanden in Europa maken. In dat streven past ook het energielabel. Het kabinet wil de energie-efficiency van 1% naar 2% per jaar brengen en het aandeel duurzame energie tot 20% in 2020 verhogen. Dit alles binnen het streven om de uitstoot van broeikasgassen in 2020 met 30% terug te brengen ten opzichte van 1990. Binnen Europees verband wordt gestreefd naar gezamenlijke inspanningen als vervolg op het Kyoto-protocol. Het kabinet beschrijft haar ambities in het werkprogramma 'Schoon en Zuinig: Nieuwe energie voor het klimaat'.
5. Hoe kom ik aan een energielabel voor mijn woning?
Een gecertificeerd adviseur kan een energielabel opstellen. Daarvoor komt hij langs en doet een onderzoek in de woning. Na het onderzoek stelt hij het energielabel vast. Bekijk het overzicht van adviseurs.
6. Moet voor elke woning een onderzoek verricht worden?
Nee, er bestaat de mogelijkheid om een energielabel af te geven op basis van representativiteit. Dat betekent dat bij woningen die veel op elkaar lijken zoals bij flats in een appartementsgebouw, de adviseur die het energielabel opstelt, gebruik maakt van de gegevens van een representatief appartement. Dat kan de kosten van het nieuwe energielabel aanzienlijk drukken. Bij bijvoorbeeld sterk op elkaar lijkende eengezinswoningen (rijtjeswoningen) kan de adviseur gebruik maken van opnamegegevens van een representatieve woning. Dan is ook een kostenbesparing mogelijk. Wel moet voor elke woning een apart certificaat worden opgesteld. Ander voorbeeld: bij een appartementsgebouw met een collectief verwarmingssysteem volstaat zelfs één enkel label.
7. Hoeveel kost een energielabel?
Dat hangt onder meer van de woning af. Een rijtjeshuis is gemakkelijker te beoordelen dan een vrijstaande woning. Voor appartementen kan een adviseur het hele complex in een keer bekijken en per appartement een relatief goedkoop energielabel afgeven. Dit moet u dan via de Vereniging van Eigenaren regelen. Als consument kunt u offertes aanvragen en daarna zelf de keuze maken.
8. Wat doet VROM om meer bekendheid te geven aan het energielabel ?
In oktober 2007 is VROM een Postbus51-campagne gestart over het energielabel. Op radio en TV en via de VROM website zal het energielabel op de kaart worden gezet. De campagne is vooral gericht op kopers en verkopers van woningen. Zij dienen te weten dat vanaf 1 januari 2008 het energielabel aanwezig moet zijn (verkopers/verhuurders) en dat je er naar kunt vragen (kopers/huurders). De campagne loopt van 15 oktober tot 31 december.
9. Ik heb een huis dat in 1998 (of later) gebouwd is. Moet ik dan ook een energielabel aanvragen?
Als uw woning in 1998 of later is gebouwd is er vooraf al een berekening gemaakt die leidde tot de zogenaamde energieprestatiecoëfficiënt (EPC). De berekening is tegelijk met de aanvraag voor de bouwvergunning ingediend bij de gemeente. Als de bouwvergunning niet langer dan 10 jaar geleden is aangevraagd, kan de eigenaar de EPC-berekening overhandigen in plaats van het energielabel.
10. Hoe gaat VROM ervoor zorgen dat de gebouweigenaren zich per 1 januari 2008 houden aan de energielabelplicht?
Ten eerste wordt de energielabelplicht opgenomen in diverse modelaktes voor koop en huur van woningen en andere gebouwen. Zo worden alle betrokkenen erop geattendeerd dat bij transactie een energielabel aanwezig moet zijn. Bij verkoop zal de notaris bij de overdracht de partijen vragen of het energielabel is overhandigd. Desnoods kan de koper of nieuwe huurder naar de rechter stappen om dit af te dwingen. Ook kan de gemeente de gebouweigenaar op zijn plicht wijzen. VROM volgt de ontwikkelingen en zal zonodig nagaan of de regelgeving aangepast moet worden met het oog op de handhaving. Verder zal het ministerie huurders en kopers stimuleren om het label op te vragen bij de eigenaar.
11. Wordt het energielabel verplicht voor alle gebouwen?
Nee, voor enkele categorieën zal deze verplichting niet gelden. De labelplicht geldt alleen voor gebouwen die energie gebruiken om het binnenklimaat te regelen. Het geldt dus niet voor:
- woonwagens;
- onverwarmde logiesgebouwen (bv. trekkershutten);
- gebouwen met een industriefunctie (bv. fabriekshallen);
- gebouwen met een overige gebruiksfunctie (zoals schuurtjes en garages) ;
- tijdelijke bouwwerken (zoals bouwketen, noodwinkels, noodlokalen bij scholen, directie- en schaftlokalen op bouwplaatsen);
- monumenten;
- gebouwen die worden gebruikt voor eredienst en religieuze activiteiten (kerken, moskeeën);
- alleenstaande gebouwen met een gebruiksoppervlakte van minder dan 50 m2 (maar voor kleine wooneenheden in een appartementengebouw of geschakeld aan een rij eengezinswoningen is bij transactie wel een energielabel vereist).
12. Heb ik een ernergielabel nodig als de koopovereenkomst is gesloten vóór 1 januari 2008?
Als het voorlopige koopcontract is gesloten vóór 1 januari 2008, is de verkoper niet verplicht een energielabel te overhandigen aan de koper, ook al vindt de overdracht na 1 januari 2008 plaats.
Energieprestatieadvies
13. Wat is een energieprestatieadvies?
Een energieprestatieadvies (EPA) is een advies op maat voor eigenaren van bestaande woningen hoe energie te besparen. U krijgt een EPA na een onderzoek door een gecertificeerde EPA-adviseur. Die adviseur komt bij u thuis en kijkt naar de isolatie en apparatuur voor verwarming, ventilatie of koeling van uw woning. De adviseur zet op een rij waar u energie kunt besparen, hoeveel u daarvoor moet investeren en op welke termijn u de investering kunt terugverdienen. U kunt met de adviseur afspreken dat u de maatregelen gaat uitvoeren en dat na controle, het energielabel wordt afgegeven.
14. Is het verstandig om na uitvoering van het EPA opnieuw een energielabel aan te vragen?
U heeft een grote kans dat uw huis na het uitvoeren van de adviezen terecht komt in een hogere labelklasse. Wilt u uw huis verhuren of verkopen, dan kunt u na uitvoering van het EPA dus het beste een nieuw energielabel aanvragen. U kunt kosten besparen door de basisopnamegegevens van het EPA te laten gebruiken als input voor het energielabel.
15. Wat is het verschil tussen een EPA en het energielabel?
Bij het energielabel krijgt u een aantal energiebesparende adviezen. Dit is een lijst met mogelijke standaardmaatregelen die uw woning energiezuiniger maken. Deze lijst wordt niet specifiek voor uw woning opgesteld. De adviezen in het EPA zijn maatwerk, dus speciaal op uw huishouden afgestemd.
16. Als ik een EPA heb, moet ik dan straks ook een energielabel overhandigen bij verkoop of verhuur van mijn woning?
Dat hangt af van de datum van het EPA. Een EPA dat is opgesteld door een gecertificeerd adviseur tussen 1 juli 2002 en 1 januari 2008 kan gedurende maximaal tien jaar na adviesdatum gebruikt worden in plaats van het energielabel.
Maar als na opstelling van het EPA energiebesparende maatregelen zijn genomen, zal de woning energiezuiniger zijn dan uit het EPA blijkt. Dan kan het verstandig zijn om bij verkoop of verhuur toch een energielabel te laten opstellen. De woningeigenaar kan dan kosten besparen door de opnamegegevens van het EPA te laten gebruiken als input voor het energielabel. De adviseur neemt de gegevens van de genomen maatregelen mee om tot de energieprestatie voor het energielabel te komen.
17. Waar kan ik meer informatie vinden over EPA?
Meer informatie over het EPA vindt u op de site van Milieu Centraal. Daar kunt u ook een lijst met gecertificerde EPA-adviseurs vinden.
http://www.milieucentraal.nl/pagina?onderwerp=Energie%20Prestatie%20Advies
Erfpacht
Als
de grond waar uw huis op staat niet van u is, betaalt u huur. De huur
heet erfpachtcanon en is fiscaal aftrekbaar.
Executiewaarde
De
executiewaarde is de getaxeerde opbrengst van een huis bij gedwongen
verkoop. Meestal is dit bedrag 75% tot 90% van de waarde bij vrije
verkoop.
Executiewaarde vrij van huur en gebruik
De prijs, die bij gedwongen openbare verkoop volgens plaatselijk gebruik
bij aanbieding vrij van huur en gebruik, door de meest biedende gegadigde zou zijn besteed.
Expiratiedatum
De
einddatum van een contract, bijvoorbeeld het einde van een
hypotheekcontract of een rentevastperiode.
Terug naar boven
F
Financieringskosten
Kosten die gemaakt worden voor het verkrijgen van een hypotheek, zoals taxatiekosten, hypotheekaktekosten en kosten voor Nationale Hypotheek Garantie.
Terug naar boven
H
Herbouwwaarde
Het
bedrag dat nodig is om uw woning opnieuw op te bouwen, bijvoorbeeld
na brand. De herbouwwaarde, die meestal in het taxatierapport staat
vermeld, is de basis voor de opstalverzekering van uw huis.
Hoofdelijke aansprakelijkheid
Wanneer gezamenlijk een hypotheekschuld wordt aangegaan, kan ieder afzonderlijk van elkaar aangesproken worden voor de totale schuld.
Hypotheek
Langlopende lening met onroerende zaak (uw huis) als onderpand.
Hypotheekakte
In
dit document worden afspraken weergegeven tussen de koper en een
financieringsinstelling met betrekking tot de hypotheek. Vervolgens
wordt dit document door de notaris ter inschrijving aangeboden aan
het Kadaster en wordt het in een speciaal daarvoor bestemd register
ingeschreven.
Hypotheekgever
Degene
die hypotheek verstrekt op een onroerend goed. De hypotheekgever is
dus de huiseigenaar. De onroerende zaak als is onderpand.
Hypotheeknemer
De
partij die geld uitleent tegen het verkrijgen van hypothecaire
zekerheid, dus met onroerende zaak als onderpand. De hypotheeknemer
is dus de geldschieter.
Hypotheekregister
Een
openbaar - voor iedereen toegankelijk - register waarin via de
notaris de hypotheek wordt ingeschreven. Het hypotheekregister wordt
bijgehouden bij het kadaster.
Terug naar boven
K
Kadaster
Rijksinstelling
waar alle onroerende zaken staan geregistreerd met vermelding van de
eigenaar en eventuele erfdienstbaarheden en erfpacht.Het kadaster
houdt ook het hypotheekregister bij. Het kadaster is een openbaar
register.
Kadastraal uittreksel
Het kadastraal uittreksel is een overzicht met de basisgegevens van een vastgoedobject, schip of vliegtuig uit de kadastrale registratie op een bepaalde datum.
Het overzicht vermeldt onder andere:
· naam, adres, geslacht en geboortedatum van de kadastrale eigenaar
· kadastrale aanduiding
· oppervlakte
· zakelijke rechten (met uitzondering van erfdienstbaarheden)
· belemmeringen, zoals aanduidingen in het kader van de Monumentenwet, aanduidingen in het kader van de Belemmeringenwet Privaatrecht (leidingen) en besluiten inzake de
Wet Bodembescherming (vervuilingen)
· aanvullende registratie zoals verklaringen van erfrecht, wijziging in hypotheken en afkoop van erfpachtcanons.
Het uittreksel is bedoeld om aan te geven wie bij het Kadaster als eigenaar van een bepaald perceel staat geregistreerd op een bepaalde datum.
Koopakte of koopovereenkomst
Als u via een makelaarskantoor een woning of appartement koopt of verkoopt worden de afspraken vastgelegd in een koopakte.
De koopovereenkomst (ook wel koopakte genoemd) is een schriftelijke afspraak tussen de verkoper en de koper van een huis. Daarin leggen zij vast, dat het huis onder bepaalde voorwaarden, tegen betaling van een bepaalde prijs en op een afgesproken datum eigendom wordt van de koper. Als de koopovereenkomst zonder notariële tussenkomst is opgesteld, zijn soms nog niet alle juridische aspecten geregeld. Juist die niet geregelde zaken kunnen doorslaggevend zijn voor de vraag of u het huis juist wel of niet wil kopen.
Daarom is het belangrijk dat u de notaris inschakelt vóór u de ‘voorlopige' koopovereenkomst ondertekent. Hij biedt de noodzakelijke deskundige begeleiding op juridisch gebied en houdt daarbij de belangen van alle partijen in de gaten. In de praktijk worden overigens veel koopovereenkomsten naar volle tevredenheid opgesteld door gekwalificeerde makelaars. Regelmatig gebeurt dat in samenwerking met de notaris.
| De koopovereenkomst moet schriftelijk worden vastgelegd. Als de koper de getekende koopovereenkomst heeft ontvangen, heeft hij nog drie (werk-)dagen bedenktijd. In deze bedenktijd kan hij zonder opgaaf van reden de koopovereenkomst ontbinden. Als u de koopovereenkomst ondertekent als koper, dan zit u er (na afloop van de bedenktijd) aan vast. De koop kan alleen worden ontbonden als aan een ontbindende voorwaarde wordt voldaan. |
|
Krijgt de koper de financiering niet binnen een bepaald aantal - vooraf afgesproken - dagen rond, dan kan hij door een beroep te doen op de ontbindende voorwaarde zonder verdere kosten van de koop af. De term ‘voorlopige' in ‘voorlopige koopovereenkomst' slaat op de voorwaarden in de koopovereenkomst die vrijwel altijd worden overeengekomen, bijvoorbeeld in verband met de financiering. Ook wordt met ‘voorlopig' aangegeven dat de koper nog geen eigenaar van de woning is. Dat wordt hij pas na ondertekening van de leveringsakte bij de notaris en inschrijving van die akte bij het Kadaster.
Een getekende koopovereenkomst kan worden ingeschreven bij het Kadaster. Hierdoor wordt de koper beschermd tegen hypotheken en beslagen die na de koop worden gevestigd, maar ook tegen een doorverkoop door de verkoper aan een ander en tegen faillissement van de verkoper. Inschrijving kan alleen met een verklaring van een notaris.
Ook al staat in de koopovereenkomst dat partijen hebben afgesproken dat deze niet wordt ingeschreven, dan is inschrijving toch mogelijk. De kosten van een inschrijving zijn laag.
Kosten Koper (k.k.)
De kosten die de koper bovenop de koopprijs betaalt kunnen bestaan uit:
notariskosten voor de akte van levering (incl. BTW), kosten van het kadaster en overdrachts-belasting.
Makelaarskosten en hypotheekkosten vallen er onder andere niet onder! De overdrachtsbelasting bedraagt momenteel zes procent van de koopsom.
Als de waarde van de onroerende zaak hoger is dan de koopsom wordt de overdrachtsbelasting over de waarde berekend.
Er is een kans dat over de koopsom omzetbelasting (BTW) is verschuldigd. Bijvoorbeeld als er recentelijk een verbouwing geweest is, of als er een praktijkruimte meeverkocht wordt. Duidelijk moet dan zijn wie deze BTW voor zijn rekening neemt. Bij nieuwbouw is de BTW gewoonlijk inbegrepen in de koopsom. Uw makelaar kan u hierover inlichten.
Terug naar boven
L
Levering
De
levering is opgesplitst in twee delen. Bij de juridische levering
wordt het perceel op naam van de koper gezet. Dit gebeurt middels het
ondertekenen van de akte van levering bij de notaris. Ook wel
transportakte genoemd. De feitelijke levering vindt plaats bij het
overdragen van de sleutels.
Leveringsakte
Een
notariële akte waarbij de onroerende zaak, in dit geval het huis
wordt overgedragen.
Lidmaatschapsrecht
Een
lidmaatschapsrecht geeft u als lid van de vereniging het recht om in
een woning te wonen. Daarnaast heeft u het recht om gebruik te maken
van de gemeenschappelijke ruimtes. Lidmaatschapsrechten worden
uitgegeven door een speciaal daarvoor opgerichte coöperatieve
flatexploitatievereniging (fev). Wie een lidmaatschapsrecht koopt,
mag zolang in de woning wonen als hij wil. De juridische eigendom van
de woning is echter in handen van de fev en dus niet in handen van de
eigenaar van het lidmaatschapsrecht.
Looptijd
De
jaren tussen het afsluiten en het aflossen van de hypotheek.
Terug naar boven
M
Maandlast
Het
bedrag dat uw hypotheek u elke maand kost aan rente en aflossing. De
bruto-maandlast is het bedrag dat u elke maand betaalt,
netto-maandlast is het bedrag dat overblijft als uw belastingaftrek
verrekend is.
Makelaar, wat is dat?
Een makelaar bemiddelt bij koop en verkoop van huizen, kantoren, roerende zaken, verzekeringen, op de goederen termijnmarkt of ander roerend, onroerend of registergoed, regelt contracten en (ver)koopafspraken.
Een groot deel van het werk bestaat uit het zoeken van (de makelaar van) een geschikte partij om dat bepaalde goed eenmalig mee te verhandelen.
De makelaar verzorgt traditioneel alle zaken van woningopname tot en met de overdracht bij de notaris. Hiervoor betaalt de klant een courtage, dit is een vooraf afgesproken percentage van de uiteindelijke verkoopwaarde.
Zolang de werkzaamheden van de makelaar niet tot resultaat leiden, hoeft de verkopende klant meestal niet te betalen.
Ook de klant die een zaak wil kopen kan een makelaar inschakelen, maar dat gebeurt lang niet altijd.
Woningmakelaardij in Nederland
Sinds maart 2001 mag in Nederland iedereen zich makelaar noemen. De titelbescherming en beëdiging werd toen afgeschaft. Sindsdien bewaken brancheorganisaties de kwaliteit met certificeringsregelingen. Van deze certificeringsregelingen zijn er thans twee, VastgoedCert en SCVM (VBO). De laatste is de enige regeling welke ook geaccrediteerd is door de Raad voor Accreditatie.(RvA)
In Nederland zijn er onder andere de volgende brancheverenigingen:
- Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM)
- Landelijke Makelaars Vereniging (LMV)
- Vereniging Bemiddeling Onroerend Goed (VBO)
- Makelaar Vereniging Amsterdam (MVA)
- Federatie TMV voor Taxateurs
- Register van Vastgoed Taxateurs (RVT)
- Makelaars en Veilinghouders in Roerende Zaken
Ontwikkelingen
De makelaardij wordt sterk beïnvloed door de opkomst van het Internet, die consumenten nieuwe mogelijkheden biedt om woningen te zoeken en aan te bieden.
Sommige makelaars bieden de verkopers van woningen de mogelijkheid een deel van het verkoopproces zelf uit te voeren, bijvoorbeeld het verzorgen van verkooptekst, foto's en rondleidingen voor potentiële kopers.
Hierdoor kan de klant een deel van de makelaarskosten uitsparen. De eerste makelaar in Nederland die met dit concept op de markt is gekomen is Makelaarsland.
Terug naar boven
N
Nationale Hypotheek Garantie
De Nationale Hypotheek Garantie (NHG) wordt verstrekt door de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen. Het is de naam van de garantie die u kunt krijgen als u een lening afsluit voor het kopen of verbouwen van een woning. Hiermee staat het Waarborgfonds garant voor de terugbetaling van uw hypotheek(bedrag) aan de geldverstrekker.
Wat betekent dit precies voor u?
Als u een hypotheek afsluit maakt u samen met de geldverstrekker afspraken over de betaling van uw hypotheeklasten. Er kunnen zich echter situaties in uw leven voordoen waardoor het aflossen van de hypotheek niet meer mogelijk is. Het kan zijn dat u in zo'n geval uw woning moet verkopen en dat de opbrengst van uw woning lager is dan het bedrag dat u nog moet terugbetalen. Er ontstaat dan een restantschuld. Het Waarborgfonds betaalt deze restantschuld aan de geldverstrekker. Wanneer u geen schuld heeft aan de gedwongen verkoop, bijvoorbeeld als uw inkomen daalt door werkloosheid of arbeidsongeschiktheid of als een van beide inkomens wegvalt door bijvoorbeeld scheiding, kan het Waarborgfonds u dit bedrag kwijtschelden en hoeft u dit bedrag dus niet meer terug te betalen. Voorwaarde hiervoor is dat u heeft meegeholpen de restantschuld zoveel mogelijk te beperken. Dit houdt bijvoorbeeld in dat als u betalingsachterstanden heeft, u contact opneemt met de bank om te bekijken hoe u deze achterstand kunt inlopen.
Wat zijn de voordelen van NHG?
Voordeliger
Met de NHG betaalt u een lagere hypotheekrente. De rentekorting kan oplopen tot 0,6%. Dat betekent elk jaar opnieuw honderden euro's voordeel.
Bij het afsluiten van NHG betaalt u eenmalig 0,40% over uw hypotheekbedrag. Door het rentevoordeel en de fiscale aftrekbaarheid heeft u deze kosten gemiddeld in een jaar terugverdiend.
- Veilig
Als u er alles aan heeft gedaan om de restantschuld zoveel mogelijk te beperken, kan het Waarborgfonds uw restantschuld bij een gedwongen verkoop kwijtschelden. Zij kan dit doen als u buiten uw schuld in een probleemsituatie bent gekomen. U kunt hierbij denken aan betalingsproblemen als gevolg van werkloosheid, scheiding en arbeidsongeschiktheid.
- Verantwoord
NHG is mogelijk als u voldoet aan de inkomensnormen zoals deze door het NIBUD zijn opgesteld. Volgens deze inkomensnormen mag een bepaald percentage van het inkomen aan woonlasten worden besteed. Op deze manier weet u zeker dat u nooit teveel leent. U houdt bij een normaal uitgavenpatroon altijd voldoende financiële ruimte over voor andere uitgaven zoals de dagelijkse boodschappen en verzekeringen.
- Kosten fiscaal aftrekbaar
Alle kosten die u moet maken om NHG te verkrijgen zijn fiscaal aftrekbaar.
- Volledige financiering
U kunt de aankoop van uw woning volledig financieren. Dit betekent dat u, naast de kosten voor de aankoop van de woning bijvoorbeeld ook de kosten voor de notaris, de makelaar, het taxatierapport en de kosten voor een verbouwing (kwaliteitsverbetering) kunt meefinancieren. U hoeft dus geen eigen geld in te brengen.
Wat kan ik lenen?
Bij aankoop van een woning bestaan voor NHG twee maxima (jaar 2008): de verkrijgingskosten mogen niet hoger zijn dan € 265.000,- én u kunt niet meer lenen dan € 265.000,-.
Bij verkrijging van bestaande bouw houdt NHG standaard rekening met 12% bijkomende kosten, waardoor de koopsom of de taxatiewaarde niet meer mag bedragen dan € 236.607,14.
Bij verkrijging van nieuwbouw rekent NHG standaard met 8% bijkomende kosten en bedraagt de maximale koop-/aanneemsom dus € 245.370,37.
Sinds 1 juli 2004 wordt rekening gehouden met de eigenwoningreserve, voor meer informatie over de beperking van renteaftrek kunt u terecht bij uw hypotheekadviseur.
Terug naar boven
O
Onder bod zijn
Toezegging van de makelaar van de verkoper aan een gegadigde geen transactie met andere gegadigden te zullen bevorderen.
Bezichtigingen door andere gegadigden blijven wél mogelijk.
Onderhandse verkoopwaarde, vrij van huur en gebruik
De prijs, die bij onderhandse verkoop bij aanbieding vrij van huur en gebruik en op
de voor het onroerend goed meest geschikte wijze, na de beste voorbereiding, door
de meest biedende gegadigde zou zijn besteed.
Ontbindende voorwaarden
Geldige redenen om de koop (of verkoop) van het huis te annuleren. Ontbindende voorwaarden staan in het koopcontract. Voorbeelden van ontbindende voorwaarden:
· het verkrijgen van een hypotheek
· het verkrijgen van de Nationale Hypotheek Garantie
· het verkrijgen van een woonvergunning
· de uitkomst van een bouwkundig onderzoek
Ontbindende voorwaarden gelden alleen als ze in de wet, of in het koopcontract staan.
Opstalverzekering
Daarmee is uw huis (niet de inboedel) verzekerd tegen brand, storm, blikseminslag en andere rampen.
Verplicht voor het afsluiten van een hypotheek.
Optie
Een
recht om door een eenzijdige wilsverklaring een koopovereenkomst te
doen ontstaan. Degene die het recht heeft is niet verplicht er
gebruik van te maken.
Opzegtermijn
Aan
het einde van iedere rentevastperiode en bij verkoop van uw huis kan
een hypotheek worden opgezegd. Soms gebeurt dit direct, soms pas na
een zekere termijn.
Ouderdomsclausule
Als een woning niet die eigenschappen heeft, die men van nieuwe(re) woningen kan verwachten, wordt vaak een ouderdomsclausule opgenomen (Voorbeeld: de koper verklaart ermee bekend te zijn dat de woning meer dan ...jaar oud is, wat betekent dat de eisen die aan de bouwkwaliteit mogen worden gesteld aanzienlijk lager liggen dan bij nieuwe(re) woningen. Tenzij de verkoper de kwaliteit ervan heeft gegarandeerd, staat hij niet in voor de funderingen, leidingen voor de elektriciteit, water en gas, de riolering en de aanwezigheid van doorslaand of optrekkend vocht.
Overbruggingskrediet
Lening
om de tijd te overbruggen tussen de aankoop van een nieuw huis en de
verkoop van het oude huis. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de
overwaarde van het oude huis. Meestal wordt een overbruggingskrediet
voor maximaal 6 maanden afgesloten.
Overdrachtsbelasting
Een belasting die wordt geheven bij de koper van een onroerende zaak/recht over de koopsom exclusief het bedrag dat in de koopsom is opgenomen aan roerende zaken. Momenteel is het percentage 6%.
De staatssecretaris van Financiën heeft besloten dat met ingang van 15 juni 2011 tot 1 juli 2012 de overdrachtsbelasting voor permanente- en recreatie woningen tijdelijk wordt verlaagd van 6% naar 2%.
Overlijdensdekking
De
meeste aanbieders van hypotheken stellen verplicht dat het risico van
overlijden van de hoofdkostwinner afgedekt wordt. Wanneer de
hoofdkostwinner komt te overlijden kan dat financiële problemen
opleveren voor de overgebleven partner. Met een
overlijdensrisicoverzekering wordt er bij overlijden een bedrag
uitgekeerd. Dit bedrag wordt dan aangewend om (een deel van) de
hypotheek af te lossen.
Oversluiten
Het
opnieuw afsluiten (bij een andere of dezelfde maatschappij) van uw
lopende hypotheek tegen betere voorwaarden of een lagere rente. Als u
bij dezelfde maatschappij blijft hoeft u niet opnieuw naar de notaris
Overwaarde
Het
positieve verschil tussen de restschuld van uw lopende hypotheek en
de waarde van uw huis bij vrije verkoop. Op basis van overwaarde kunt
u uw hypotheek verhogen, bijvoorbeeld om een verbouwing te betalen.
Terug naar boven
P
Passeren
De
formele handeling waarbij een akte (verkoop huis, hypotheek) door
beide partijen en de notaris wordt ondertekend.
Terug naar boven
R
Recht van hypotheek
U
geeft het recht van hypotheek aan de geldverstrekker bij het
afsluiten van een hypotheek. Blijft u in gebreke met de aflossing en
wordt uw huis openbaar verkocht, dan heeft de geldverstrekker
voorrang bij het vorderen van de opbrengst.
Recht van overpad
Recht van overpad of recht van voetpad is een een servituut of erfdienstbaarheid en wordt in het Nederlandse Nieuw Burgelijk Wetboek genoemd. Het recht van overpad is een inperking van de rechten van de eigenaar en de gebruiker. Het betekent dat bepaalde anderen (meestal zijn dat buren) niet gehinderd mogen worden bij het oversteken van het stuk grond in kwestie. Een dergelijk recht is veelal ontstaan, of in een notariële akte gevestigd, wanneer de openbare weg alleen op die manier vanuit een bepaald grondstuk te bereiken is.
Rendement
Voor
uw beleggingen ontvangt u koerswinst en dividend, deze posten vormen
samen het rendement op uw belegging. Het rendement op beleggingen is,
gemeten over langere periodes, meestal hoger dan de rente op een
spaarrekening, maar u loopt het risico dat koersen dalen of bedrijven
geen dividend uitkeren. Een belegging kan dus ook een negatief
rendement hebben.
Rentevaste periode
De
periode die u met de geldverstrekker bent overeengekomen waarin uw
hypotheekrente ongewijzigd blijft. Normaal gesproken is het
rentetarief hoger naarmate de gekozen rentevaste periode langer is.
Roerende goederen
Dit
zijn goederen die de koper kan overnemen van de verkoper en niet al
met de onroerende zaak zijn verbonden.
Terug naar boven
S
Sleutelverklaring
Deze
wordt opgemaakt als de feitelijke levering, het overhandigen van de
sleutels, op een eerder tijdstip plaatsvindt dan de juridische
eigendomsoverdracht bij de notaris. De koper zal moeten zorgen dat
bij de feitelijke levering de onroerende zaak door hem wordt
verzekerd.
Splitsen in appartementsrechten
Horizontale
splitsing is het splitsen van het pand in afzonderlijke, zelfstandige
gebruikseenheden. Deze gebruikseenheden worden appartementsrechten
genoemd.
Splitsingsvergunning
Een
splitsingsvergunning wordt verleend als aan elk van de volgende drie
voorwaarden is voldaan:
-
als
het woongebouw buiten een (toekomstig) stadsvernieuwingsgebied ligt
en het pand moet worden gesplitst.
-
als
de woning in goede staat verkeert, dat wil zeggen: de fundering kan
nog 25 jaar mee, de eerst komende 10 jaar zijn geen ingrijpende
verbouwingen aan het casco nodig.
-
als
de maximaal redelijke huurprijzen van de afzonderlijke woningen
hoger zijn dan de huursubsidiegrens.
Als
er één of meer woningen lager is dan de
huursubsidiegrens is soms toch splitsing mogelijk. In dat geval
moeten alle zittende huurders, van die woningen met een huurprijs
lager dan de huursubsidiegrens in dit betreffende pand deze woningen
willen kopen.
Terug naar boven
T
Taxatie
Het
uitbrengen van een waarde-oordeel door een daartoe bevoegd persoon
met een bepaald doel ( voorbeelden doel: taxatie voor de
financiering, taxatie voor de successie bij overlijden van een
natuurlijk persoon, taxatie voor het bepalen van de reële waarde
voor het uitbrengen van een bod op een te koop staand pand.
Tophypotheek
Het
hypotheekbedrag is hoger dan de executiewaarde van het huis.
Transportakte
Officieel
document dat door de notaris wordt opgemaakt en waarmee het eigendom
van een huis officieel wordt overgedragen aan een nieuwe eigenaar. De
transportakte wordt ook wel overdrachtsakte genoemd.
Terug naar boven
V
Variabele rente
Als
u niet kiest voor een rentevastperiode, krijgt u te maken met
variabele rentestanden. U betaalt per maand een bedrag afhankelijk
van de rente.
Vereniging van Eigenaren
Als
u eigenaar bent van een appartementsrecht, bent u volgens de wet lid
van de Vereniging van Eigenaren (VvE). Samen met de overige eigenaren
behartigt de VvE de gemeenschappelijke belangen in en rond het
appartementencomplex. In de splitsingsakte is aangegeven welk aandeel
u als eigenaar hebt in het gehele gebouw.
Voorlopige teruggaaf
De
aftrekbare hypotheekrente kan met een voorlopige teruggaaf per maand
verrekend worden. U krijgt elke maand netto meer geld in handen. Bel
de Belastingtelefoon 0800 0443 voor een formulier om voorlopige
teruggaaf aan te vragen.
Vraagprijs
Een uitnodiging tot het doen van een bod.
Vrij op naam - VON
Koopt u een huis 'vrij op naam' dan betekent dat de wettelijk te maken overdrachtskosten zoals overdrachtsbelasting, transportakte en kadastraal recht zijn inbegrepen in de koopsom.
Vrije verkoopwaarde
De
waarde die de hoogstbiedende bij een niet-gedwongen verkoop voor een
huis zou geven. Dit wordt ook wel de economische of onderhandse
verkoopwaarde genoemd.
Terug naar boven
W
Waarborgsom
De
aanbetaling aan de koper die in het koopcontract kan zijn opgenomen.
Het bedrag komt meestal overeen met de boete die u als kopermoet
betalen als u niet aan de verplichtingen kan voldoen. De waarborgsom
kan met een bankgarantie worden voldaan.
Wat betekent die Afkorting?
t.k. = te koop
k.k. = kosten koper
vr.p = vraagprijs
v.o.n. = vrij op naam
p.n.o.t.k. = prijs nader overeen te komen
e.w. = eengezinswoning
h.h. = herenhuis
app. = appartement
bijdr. = bijdrage
vve. = vereniging van eigenaren
e.g. = eigen grond
uitz. = uitzicht
ben.w.w = beneden woning
bov.w. = boven woning
opp. = oppervlak
kmr. of k = kamer
wk. = woonkamer
slp. = slaapkamer
kkn. = keuken
v.v. = voorzien van
ind. = indeling
m. = met
c.v. = centrale verwarming
beg.gr. of b.g. = begane grond
verd. = verdieping
geh.gemod. = geheel gemoderniseerd
geren. = gerenoveerd
ged. = gedeeltelijk
roy. = royale
evt. = eventueel
bj. = bouwjaar
karakt. = karakteristiek
aanv. = aanvaarding
i.o. = in overleg
o.v. = openbaar vervoer
o.a. = onder andere
o.g. = onroerend goed
NVM = Nederlandse Vereniging van Makelaars in
Onroerende goederen en vastgoeddeskundigen
WOZ = Wet Waardering Onroerende Zaken
w.m.a. = wasmachineaansluiting
Rvs. = roestvrijstaal
Woonvergunning
In
een aantal gemeenten is - beneden een bepaalde koopprijs - een
woonvergunning nodig. Een woonvergunning geeft u het recht om in het
door u gekochte huis, in een bepaalde gemeente te gaan wonen.
WOZ-waarde
De
gemeente stelt de fiscale waarde van uw woning vast. Deze waarde
wordt bepaald voor de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ).
Terug naar boven
Z
Zoekopdracht
Een
opdracht tot begeleiding bij het zoeken en kopen van een huis
waarvoor de makelaar een courtage mag berekenen. De inhoud van de
opdracht hangt af van wat de makelaar en de opdrachtgever met elkaar
afspreken.
Terug naar boven
|